Ga naar de inhoud van deze pagina.
Jaarverslag 2025 Jaarverslag 2025 nieuwe versie

Financiële toelichting

Financiële toelichting programma 5

Bedragen in € 1.000 euro's

Toelichting op de grotere verschillen tussen gerealiseerde cijfers en de definitieve begroting over 2025

Salarissen en inhuur:
Verschillen op salarissen en inhuur worden kort toegelicht in paragraaf E bedrijfsvoering.

Basisregistraties:
De uitvoeringskosten voor WOZ/belastingen zijn € 78.000 lager dan begroot. Dit is met name het gevolg van minder kosten voor GBLT en minder kosten voor dienstverlening en afwikkeling bezwaar en beroep oude jaren.

Bevolking:
De leges opbrengsten vallen hoger uit dan geraamd. Er was al rekening gehouden met een stijging van de opbrengsten door de overgang in het verleden van 5 naar 10 jaar houdbaarheid van een reisdocument. De doorbetaling van de rijksleges is niet goed mee begroot en daardoor zit daar een nadeel.

Op de kosten voor verkiezingen is een voordeel van € 17.000.

College:
De kosten voor het college zijn € 199.000 hoger. Dit komt vooral door een extra toevoeging aan de voorziening pensioenen oud wethouders van € 188.000. Deze bijstelling is een verplichting.

Griffie:
De accountants kosten vallen € 20.000 hoger uit dan begroot. Dit i.v.m. meerwerk kosten voor o.a. de SiSa bijlage.

De raadsvergoeding is € 43.000 lager. Dit komt doordat de kosten van de uitbreiding van de rechtspositie bestuurders pas in 2026 in gaat. (= € 25.000). Ook zijn bij de najaarsnota de kosten geïndexeerd terwijl dit ook bij de voorjaarsnota met de landelijke stijging was aangepast. (€ 14.800)

Vastgoed:
De kosten/baten voor vastgoed vallen € 35.000 voordeliger uit t.o.v. de najaarsnota. Dit heeft met name te maken met uitstel van de kosten van de verbouwing aan de Parklaan en de huuropbrengsten Parklaan die nog niet begroot waren.

Restauratie van de kerktoren à € 11.000 en extra kosten voor diverse reparaties aan de lift in het Cultuurhuis van € 20.000 zorgen voor extra kosten.

Algemene baten en lasten:
Mutaties dubieuze debiteuren. Per september 2025 zijn de oude openstaande posten belastingen vanuit Veenendaal weer overgegaan naar Woudenberg. Veenendaal heeft voor die tijd nog extra ingezet op invordering door middel van aanmaningen en andere invorderingen. Dit heeft geleid tot veel minder openstaande bedragen waardoor ook de dubieuze vorderingen bijgesteld konden worden. De opbouw van dubieuze vorderingen bij GBLT is na het eerste jaar nog minimaal.

GBLT heeft ons begin januari 2026 laten weten dat er nog verminderingen OZB opbrengsten aankomen van met name OZB gebruik. Op voorhand hebben we rekening gehouden met een vermindering van € 35.000.

Diverse grondverkopen hebben € 58.000 opgeleverd. € 47.000 hiervan is toegevoegd aan de reserve IBOR.

Bedrijfsvoering:
Beleid. Met de voorjaarsnota is € 15.000 geraamd voor participatie beleid. Hier zijn geen externe kosten voor gemaakt.

Communicatie: bij de najaarsnota is € 11.300 extra begroot voor aanpassingen aan de website. Deze zijn in 2025 niet gemaakt.

HRM:
Aan de CDKS is € 8.000 minder aan uren doorberekend.

De voorziening verlof is verhoogd met € 99.000 doordat er minder uren opgenomen zijn dan was toegestaan. De voorziening reparatie WW van € 19.000 is vrijgevallen.

De opleidingskosten zijn € 18.000 lager, dit wordt toegevoegd aan de reserve opleidingen.

Overheadkosten:
Op diverse budgetten zoals archiefbeheer, kantoorbehoeften, KCC, Ontwikkeling Financieel Beleid en representatiekosten zijn budgettenoverschrijdingen. Per saldo is er een nadeel op overhead van € 27.000. € 20.000 hiervan heeft betrekking op het betalen aan UWV uitkeringen i.v.m. het beëindigen van een tijdelijke dienstovereenkomst.

Het verschil op huisvestingskosten wordt voor € 22.000 veroorzaakt door het vervangen van de archiefkoeling.